Direct naar menu
start » wereldwijd » taaluniecentrum

De Leeswijzer

Boekverslag De vlindermaand


door Ariëlla Kornmehl

In deze roman maken we kennis met een Nederlandse vrouw, Joni Jinsky, die in Zuid-Afrika leeft en een bijzondere, vriendschappelijke relatie opbouwt met haar Zuid-Afrikaanse huishoudster Zanele.

Criterium
      + Deelaspect
makkelijker moeilijker
lay-out/visuele steun
hoofdstukken/ titels/ witregelsaanwezig afwezig
illustraties aanwezig afwezig
interpunctie aanwezig afwezig
lengte
van de tekst korter langer
van tekstdelen korter langer
van zinnen korter langer
taalgebruik
woordenschat frequent/bekend niet-frequent/ onbekend
taalvariatie standaardtaal register/ stijlvariatie
formulering weinig idioom, letterlijk/concreet veel idioom, figuurlijk/abstract
grammatica ongemarkeerd, eenvoudig gemarkeerd, complex
textcomplexiteit
verhaallijnen één twee of meer
betekenislagen één twee of meer
scheiding fantasie/werkelijkheidduidelijk of niet van toepassingonduidelijk
thematiek/onderwerp
aansluiting bij leefwereld/leeservaring van de lezeraansluitendminder/niet aansluitend
niveau van abstractie bij de presentatielaag hoog
vertelperspectief auctoriaal, neutraal, personaal, ik-/jijperspectiefwisselend, monologue interieur
personages
aantal weinig veel
uitwerking karakters stereotype, weinig diepgangcomplexe karakters, meer diepgang
verandering onderlinge verhoudingenweinig, niet ingrijpendveel, ingrijpend
identificatiemogelijkheden veel weinig
plaats
geografisch bekend onbekend
sociaal/ cultureel bekend onbekend
tijd
tijdverloop chronologisch, zonder tijdsprongenniet-chronologisch, met tijdsprongen/flashbacks
open plekken/open einde afwezig aanwezig
historische plaatsing bekend of niet van toepassingonbekend
nadruk bij spanningsopbouw gebeurtenissen gedachten/beschrijvingen
Aantal kolommen19 9
Percentage68% 32%

Lay-out/Visuele steun
De roman bestaat uit drie delen die genummerd zijn met Romeinse cijfers. Binnen de delen zijn geen verdere onderverdelingen in hoofdstukken gemaakt, maar worden de passages vaak van elkaar gescheiden met een witregel. Het boek bevat geen illustraties en de interpunctie is normaal.

Lengte
De roman heeft 178 pagina’s met een vrij groot lettertype. De drie delen zijn lang (ca. 60 pagina’s), maar zowel de alinea’s als de afzonderlijke zinnen zijn redelijk kort.

Taalgebruik
De gebruikte taal is standaardtaal. Vrijwel altijd is het taalgebruik eenvoudig met weinig metaforisch taalgebruik of idioom. Als dit toch voorkomt, is de tekst nog steeds redelijk eenvoudig te begrijpen, bijvoorbeeld ‘een oogje in het zeil houden’ p.12 of over vrouwen die was op hun hoofd dragen: ‘Recht als kaarsen, met zware vlammen op hun hoofd, liepen ze langs de autoweg’ p.131. Het aantal woorden uit het Afrikaans dat gebruikt wordt is beperkt en relatief eenvoudig te begrijpen, bijvoorbeeld ‘platsak’ p.12, ‘bakkie’ p.62, voor een auto, of, in het hele boek, ‘maid’ voor een huishoudster. Soms wordt er Engels gesproken. Wat verder opvalt is de manier waarop Zanele en haar kinderen spreken. Als hun woorden in de directe rede worden weergegeven spreken zij steeds in korte zinnen, maken soms geen gebruik van inversie of hebben moeite zich uit te drukken. Ter illustratie een passage waarin Zanele een grap vertelt, p.23:

‘In vijf jaar, alle witte mensen leven in Soweto.’
Ik keek haar verbaasd aan.
‘En weet je wat is handig?’
Ik schudde mijn hoofd. Zanele trok haar oogleden op en begon voorzichtig te glimlachen.
‘Hun spullen zijn er al!’
Je kunt hier van een register spreken, aangezien Zanele en haar kinderen altijd op deze wijze spreken.

Tekstcomplexiteit
Er is één verhaallijn die het leven van Joni Jinsky beschrijft. In de tijd die in de roman verstrijkt bevindt zij zich in Zuid-Afrika, maar in terugblikken komen we wat meer te weten over haar leven in Nederland voordat zij emigreerde. Er is geen sprake van een diepere betekenislaag. Wel speelt op de achtergrond steeds het verschil tussen blank en zwart, dat de Zuid-Afrikaanse cultuur sterk beheerst en in de eerste helft van de roman de reden is voor Joni om naar Zuid-Afrika te verhuizen. Deze reden is in het begin van het boek voor de lezer nog niet helemaal duidelijk, maar er zijn steeds meer aanwijzingen voor, zodat de lezer ongeveer halverwege het boek weet waarom zij Nederland wilde verlaten: vanwege het feit dat zij nooit kinderen zal kunnen krijgen. Bijna overal worden gebeurtenissen uit de werkelijkheid verteld, een enkele keer maakt de lezer kennis met fantasieën van Joni, maar het onderscheid tussen beide is steeds duidelijk.

Thematiek/Onderwerp
Een belangrijk thema in het boek is de moeizame verwerking van een ingrijpende en traumatische gebeurtenis, voor Joni het moment waarop bekend werd dat ze altijd kinderloos zal blijven. Joni probeert haar herinneringen weg te drukken door zich helemaal op haar werk in het ziekenhuis te storten. Een thema dat in het boek hiermee verband houdt is dat van de moeizame relatie van de hoofdpersoon met haar familie en haar partner, vooral de relatie tussen Joni en haar moeder. Joni is kwaad op haar moeder omdat deze toen ze in verwachting was van Joni het medicijn DES slikte, met het gevolg dat Joni geboren werd met afwijkingen aan haar baarmoeder. Ze is zich er wel van bewust dat haar moeder niet kon weten hoeveel schade dit medicijn zou aanrichten, maar ze verwijt haar dat ze er nooit met haar over gesproken heeft. Hoewel het thema van de kinderloosheid herkenbaarder zal zijn voor vrouwen dan voor mannen, ligt het evenals het thema van de familierelaties in de persoonlijke levenssfeer en zal het niet zo moeilijk zijn voor de lezer om zich een voorstelling te maken van de gevoelens die de hoofdpersoon heeft.
Op de achtergrond is steeds het thema van de verschillen tussen de blanke en de zwarte bevolking in Zuid-Afrika aanwezig. Ook de armoede en werkloosheid onder de zwarte bevolking en allerlei verschrikkelijke gebeurtenissen die daaruit voorvloeien, zoals verkrachtingen en roofmoorden, komen in het boek aan bod.

Vertelperspectief
Het verhaal wordt verteld vanuit het ik-perspectief en is constant: we zien de gebeurtenissen steeds gepresenteerd door de ogen van Joni. Nergens worden er gebeurtenissen of gedachten van personages verteld die Joni niet kan weten.

Personages
Het belangrijkste personage naast de hoofdpersoon Joni is haar Zuid-Afrikaanse huishoudster Zanele. Zij woont bij Joni in een apart vertrek samen met haar twee kinderen, Mbufu en Shanla, en werkt bij Joni in huis als schoonmaakster en kokkin. Van de twee kinderen van Zanele heeft Joni het vaakst contact met Shanla, een jong meisje: zij geeft haar soms kleding of verzorgingsproducten en helpt haar met lezen. Mbufu, net volwassen en werkloos, is vaak niet thuis, maar wordt in de loop van het verhaal wel een object van seksueel verlangen van Joni. Ook Gibsan, de tuinman van Afrikaners die bij Joni in de straat wonen, speelt een redelijk grote rol in het verhaal, omdat hij vaak Zanele komt opzoeken en hand- en spandiensten verricht voor Joni. Naast deze vijf personages spelen enkele werknemers van de Eerst Hulppost waar Joni werkzaam is een kleine rol in het boek: Albert, de leidinggevende van de afdeling, en Mike, een collega met wie Joni enkele keren seksuele contacten heeft. Het personage van Joni is het enige complexe karakter, van de andere personages krijgen we niet zo’n diepgaand beeld.
De verhouding tussen Joni en Zanele verandert wel in de loop van het boek, of althans de mate waarin Joni zich bewust is van deze relatie. Joni beseft steeds meer hoe afhankelijk ze van haar huishoudster is en voelt een diepe genegenheid voor haar. In hoeverre deze genegenheid wordt beantwoord is niet duidelijk. Ook Joni’s opstelling ten opzicht van Zaneles zoon Mbufu verandert, zoals zojuist vermeld, maar ook hier zijn er geen signalen om te bepalen in hoeverre Joni’s gevoelens wederzijds zijn.

Plaats
Het grootste deel van het verhaal vindt plaats in en rond het huis waar Joni, Zanele, Mbufu en Shanla wonen. Er wordt geen plaatsnaam genoemd, maar het huis ligt in een groepje van ongeveer vijf huizen aan een onverharde weg, dus waarschijnlijk is het een redelijk afgelegen dorpje. Een andere plaats van handeling is het ziekenhuis waar Joni werkt, ook hiervan wordt niet genoemd waar in het land het zich precies bevindt. Het ziekenhuis ligt op ongeveer een uur rijden van Joni’s huis. Het is wel duidelijk dat het verhaal in Zuid-Afrika speelt, waarschijnlijk ergens in het binnenland, aangezien Shanla nog nooit de zee heeft gezien.
Op sociaal-cultureel gebied is er een duidelijke tweedeling in blanken en zwarten. De zwarte Zuid-Afrikanen zijn in dienst bij de blanken, maar beide groepen willen op persoonlijk en vriendschappelijk gebied niets met elkaar te maken hebben. Joni onderhoudt wel een goede relatie met Zanele, maar op verschillende plaatsen in het verhaal leidt dit tot ongemakkelijke momenten. Joni wordt door veel zwarte Zuid-Afrikanen over één kam geschoren met de blanke Afrikaners, terwijl zij zich niet een van hen voelt omdat ze pas naar Zuid-Afrika is gekomen toen de apartheid was afgeschaft. De moeizame relatie tussen blanken en zwarten is in het hele boek aanwezig en wordt voornamelijk duidelijk door uitspraken van verschillende personages, bijvoorbeeld van Zanele ‘Niet meer samen mengen, Joni.’ p.131 of van Albert:

‘Of ik nog een ‘tuinwerker’ kende die een beetje deugde, vroeg Albert voordat we elkaar de dienst overdroegen (…) De zijne, die overigens al ruim zeven jaar bij hem werkte, was tijdens het maaien bij kennissen omgekomen. Ja, Albert vond het ook heel vervelend, hij had een hekel aan een onverzorgde tuin’ p.147.

Tijd
Het is niet duidelijk hoeveel tijd er precies verstrijkt in het boek. Het is in ieder geval een periode langer dan een jaar, want de ‘vlindermaand’, een periode in het jaar waarin er veel vlinders zijn, komt in het boek twee keer voor. Joni is waarschijnlijk een vrouw van in de dertig, aangezien ze een studie geneeskunde in Nederland heeft afgerond en al een jaar of vier in het ziekenhuis in Zuid-Afrika werkzaam is aan het begin van het boek.
De gebeurtenissen in Zuid-Afrika worden grotendeels chronologisch verteld. Er zijn vele korte flashbacks waarvan de meeste verwijzen naar Joni’s leven in Nederland voor ze emigreerde. Enkele herinneringen wijzen terug naar eerdere gebeurtenissen in Zuid-Afrika, bijvoorbeeld de komst van Zanele als huishoudster in het huis van Joni. Aan het einde van het boek worden enkele gebeurtenissen fragmentarisch en door elkaar heen verteld. Hier is de chronologie helemaal afwezig. Dit komt waarschijnlijk doordat Joni’s kalme en overzichtelijke leven dat ze zorgvuldig heeft opgebouwd wordt verstoord door haar veranderende gevoelens en enkele ingrijpende gebeurtenissen.
Wanneer de roman precies speelt wordt niet vermeld. Wel is de apartheid in Zuid-Afrika afgeschaft en is Joni een zogenaamde DES-dochter, wat betekent dat zij voor 1976 geboren moet zijn, omdat vanaf dat jaar het medicijn niet meer werd voorgeschreven. Het is dus waarschijnlijk dat het verhaal zich in de jaren negentig van de twintigste eeuw of in de eerste jaren van de eenentwintigste eeuw afspeelt.
Binnen de roman zijn er geen open plekken. De roman wordt afgesloten met een passage waarin Joni, wanneer Zanele uit haar leven is verdwenen, zich voor het eerste openlijk afvraagt of het verstandig van haar was uit Nederland te vertrekken. Het is onduidelijk wat Joni zal besluiten te doen: in Zuid-Afrika blijven of terugkeren naar Nederland. In die zin is er sprake van een open einde. Anderzijds komen nu wel de gevoelens voor haar moeder en ex-vriend die Joni in het gehele verhaal probeerde te onderdrukken naar buiten, waardoor de roman toch de afsluiting krijgt die de lezer, die Joni met haar gevoelens heeft zien worstelen, verwacht.

Nadruk bij spanningsopbouw
De spanning in de eerste helft van het boek wordt opgebouwd door de aanvankelijk schaarse verwijzingen naar de gebeurtenissen in Nederland die Joni hebben doen besluiten naar Zuid-Afrika te vertrekken. Die verwijzingen vinden we vooral in gedachten van Joni of beschrijvingen, bijvoorbeeld wanneer ze Zanele gerust stelt als Shanla moet overgeven: “Het is niet erg, Zanele, ik had het als kind ook vaak.” Maar dat had andere redenen.’ p.75. In de tweede helft van het boek zijn het vooral de gevoelens die Joni heeft voor Zanele en Mbufu die spanning opleveren, omdat de lezer benieuwd is hoe zij hierop zullen reageren. Een voorbeeld is een ontmoeting tussen Joni en Zanele in de tuin:

‘Ze schrok toen ik de tuin in liep. Ze had me niet verwacht. Ze zei dat ze net aan me zat te denken. Wat hield ik ervan als ze dat zei.’ p.96.

Conclusie
Het taalgebruik in deze roman is niet moeilijk en dat is absoluut een voordeel voor de anderstalige student. Het verhaal is goed te volgen omdat het steeds vanuit hetzelfde perspectief gepresenteerd wordt, waarbij de flashbacks meestal makkelijk te herkennen zijn omdat ze, in tegenstelling tot de gebeurtenissen uit het hier en nu van de roman, in Nederland spelen. Doordat Joni vrij geïsoleerd leeft, komt ze bovendien slechts in contact met een beperkt aantal personen. Alleen op de laatste twintig pagina’s worden de gebeurtenissen wat warriger verteld. De problematiek van de familierelaties en de situatie in Zuid-Afrika worden in de loop van het boek duidelijk verwoord. Al met al is het voornamelijk de lengte van het boek die een obstakel kan vormen voor beginnende taalleerders. Dit boek is waarschijnlijk geschikt voor halfgevorderden (B1/B2).

Leercriterium
Hoewel dit boek in Zuid-Afrika speelt, komen er niet zoveel Zuid-Afrikaanse woorden in voor. Het kan interessant zijn om in lesverband aandacht te besteden aan deze taal, maar het boek biedt daarvoor dus niet zoveel aanknopingspunten.
Inhoudelijk kan het verhaal aanleiding geven tot een bespreking van de Zuid-Afrikaanse cultuur en met name de segregatie tussen blanken en zwarten die ook na het afschaffen van de apartheid voortduurt, voornamelijk op het vlak van de sociale contacten. Een ander zeer specifiek cultureel en maatschappelijk verschijnsel is dat van de DES-moeders en hun dochters. Het gaat hierbij om vrouwen uit de westerse wereld die tussen 1947 en 1976 tijdens hun zwangerschap of voor hun geboorte in aanraking kwamen met het hormoon DES dat bedoeld was om miskramen te voorkomen, maar uiteindelijk ingrijpende gevolgen had voor zowel de moeders als hun kinderen. Er is meer informatie te vinden op de website www.descentrum.nl.

Leercriterium Formeel nee
Inhoudelijk/cultureel ja