Direct naar menu
start » wereldwijd » taaluniecentrum

De Leeswijzer

Boekverslag Spek en Bonen


door Tom Lanoye

Dit boek bevat zeven korte verhalen of fragmenten. Ze zijn ingedeeld in de delen Spek (van bij ons) en Bonen (extra muros). Onder Spek vallen Een perfecte moord (een thriller), Spek en bonen (cinema), Café Zeezicht (een groteske), Marlon tu n’es pas un ange (een parabel), terwijl Bonen de volgende verhalen bevat: Johannesburg, Le Bain (een reisverhaal), Onweer in de tropen (scènes), Moros y cristianos (post). In alle zeven de verhalen treffen we personages aan die worstelen met het dagelijks bestaan, veelal in Vlaanderen.

Criterium
      + Deelaspect
makkelijker moeilijker
lay-out/visuele steun
hoofdstukken/ titels/ witregelsaanwezig afwezig
illustraties aanwezig afwezig
interpunctie aanwezig afwezig
lengte
van de tekst korter langer
van tekstdelen korter langer
van zinnen korter langer
taalgebruik
woordenschat frequent/bekend niet-frequent/ onbekend
taalvariatie standaardtaal register/ stijlvariatie
formulering weinig idioom, letterlijk/concreet veel idioom, figuurlijk/abstract
grammatica ongemarkeerd, eenvoudig gemarkeerd, complex
textcomplexiteit
verhaallijnen één twee of meer
betekenislagen één twee of meer
scheiding fantasie/werkelijkheidduidelijk of niet van toepassingonduidelijk
thematiek/onderwerp
aansluiting bij leefwereld/leeservaring van de lezeraansluitendminder/niet aansluitend
niveau van abstractie bij de presentatielaag hoog
vertelperspectief auctoriaal, neutraal, personaal, ik-/jijperspectiefwisselend, monologue interieur
personages
aantal weinig veel
uitwerking karakters stereotype, weinig diepgangcomplexe karakters, meer diepgang
verandering onderlinge verhoudingenweinig, niet ingrijpendveel, ingrijpend
identificatiemogelijkheden veel weinig
plaats
geografisch bekend onbekend
sociaal/ cultureel bekend onbekend
tijd
tijdverloop chronologisch, zonder tijdsprongenniet-chronologisch, met tijdsprongen/flashbacks
open plekken/open einde afwezig aanwezig
historische plaatsing bekend of niet van toepassingonbekend
nadruk bij spanningsopbouw gebeurtenissen gedachten/beschrijvingen
Aantal kolommen16 13
Percentage55% 45%

Lay-out/Visuele steun
De verhalen hebben alle een titel en een ondertitel die iets zegt over het genre, bijvoorbeeld thriller, groteske of parabel. Sommige verhalen zijn nog nader opgedeeld in scènes (Spek en bonen en Onweer in de tropen), zeer korte hoofdstukjes of passages (Marlon, tu n’es pas un ange) of brieven (Moros y cristianos), andere lopen helemaal aan één stuk door (Een perfecte moord, Café zeezicht, Johannesburg, Le Bain). De interpunctie is meestal normaal, maar in sommige verhalen worden geen aanhalingstekens gebruikt voor de directe rede.

Lengte
Het boek is vrij lang: het bestaat uit 193 pagina’s en ongeveer 43.000 woorden. De zeven verhalen staan echter volledig op zichzelf en kunnen los van elkaar gelezen worden. Het langste verhaal (Moros y cristianos) telt 42 pagina’s, het kortste 14 (Johannesburg, Le Bain). De zinnen zijn over het algemeen kort, wat ook geldt voor de alinea’s.

Taalgebruik
Het taalgebruik wisselt behoorlijk per verhaal. Alle verhalen zijn geschreven in standaardtaal, met slechts weinig woorden of uitdrukkingen die Vlaams aandoen zoals ‘plezant’ p.12 ‘wagen’ p.14, ‘kuisen’ p.30, ‘wablief’ p.32, ‘een vijs kwijt’ p.33 ‘van de naald tot de draad’ p.132. Dit komt voornamelijk in Spek en bonen voor. Soms komen er buitenlandse woorden of passages voor, meestal Engelse of Franse en steeds cursief weergegeven (voornamelijk in Café Zeezicht). In enkele verhalen (voornamelijk Café Zeezicht, Marlon, tu n’es pas un ange en Moros y cristianos) komen relatief meer weinig frequente woorden voor als ‘hoofs’ p.47, ‘decanteren’ p.48 ‘zieltogend’ p.61, ‘illusoir’ p.81, ‘verketteren’ p.147, ‘dedramatiseren’ p.175, ‘verramsjen’ p.182. Veel van deze woorden hebben een Franse of Engelse oorsprong en zullen door lezers met enige talenkennis wel begrepen worden. In het hele boek vinden we vrij veel idioom en vaste uitdrukkingen (‘ten langen leste’ p.18, ‘vieren en vijven’ p.22, ‘op stel en sprong’ p.43, ‘voor lief nemen’ p.50 ‘iemand tegen iemand innemen’ p.62, ‘in detail treden’ p.132, ‘voor schut zetten’ p.156, ‘op de proppen komen’ p.171, ‘in de gaten hebben’ p.194). De grammaticale constructies in dit boek zijn normaal en steeds ongemarkeerd, maar wel komen ellipsen voor.

Tekstcomplexiteit
In de meeste verhalen is een enkele verhaallijn aanwezig en worden gebeurtenissen beschreven tussen twee of drie personages. Een uitzondering hierop vormt het verhaal Café Zeezicht, waarin de verhalen van een man en zijn beer en een boerenechtpaar dat een café begint afwisselend worden verteld. De verhaallijn van het echtpaar wordt in dit verhaal het meest uitgesponnen, dus ook hier kan van één centrale verhaallijn worden gesproken.
Een diepere betekenislaag is er niet echt in de verhalen. In de verhalen Johannesburg, Le Bain en vooral in Onweer in de tropen is wel steeds op de achtergrond de ziekte aids aanwezig, die nooit bij name wordt genoemd (wel bijvoorbeeld ‘de nieuwe pest’ p.106).
In de verhalen waarin het perspectief van één personage wordt gehandhaafd is het moeilijk vast te stellen waar de grens tussen werkelijkheid en fantasie zich bevindt (Een perfecte moord, Johannesburg, Le Bain, Moros y cristianos). In Spek en bonen leert de lezer de werkelijkheid pas (gedeeltelijk) kennen wanneer hij van verschillende ooggetuigen informatie ontvangen heeft; naar de gedachte- en belevingswereld van de hoofdpersonages blijft de lezer gissen. In Café Zeezicht en Marlon, tu n’es pas un ange staan de gebeurtenissen centraal en wordt ook hier weinig informatie gegeven over de beweegredenen van de personages. In Onweer in de tropen tenslotte benoemt de vrouwelijke hoofdpersoon juist vrij concreet haar gedachten en gevoelens (of althans zoals zij zich die inbeeldt).

Thematiek/Onderwerp
De onderwerpen van de verhalen zijn verschillend, maar voor de meeste verhalen geldt dat het vrij moeilijk is zich erin in te leven. Sommige werken sterk vervreemdend (Een perfecte moord, Café Zeezicht), andere zijn gericht op de thematiek van homoseksualiteit en/of aids (Een perfecte moord, Onweer in de tropen, Moros y cristianos). Enkele verhalen behandelen gebeurtenissen rond een of enkele personages, maar hier wordt het inlevingsvermogen van de lezer belemmerd door de wijze van presentatie (Spek en bonen: fragmentarisch, wisselende invalshoeken, Marlon, tu n’es pas un ange: episodisch, niet chronologisch, Johannesburg, Le Bain: de gebeurtenissen lopen volstrekt door elkaar zonder overgangen, Moros y cristianos: in de loop van het verhaal blijkt de visie van de ‘ik’ niet de volledige werkelijkheid te beschrijven).
Ondanks het redelijk concrete taalgebruik in sommige verhalen, komen de thema’s toch niet zeer eenduidig uit de verf. Dat komt door de vervreemdende effecten, toespelingen en de wijze waarop de lezer de gebeurtenissen verneemt. De onderwerpen worden dus niet zozeer abstract als wel indirect gepresenteerd, maar zijn desalniettemin soms moeilijk te begrijpen.

Vertelperspectief
Het perspectief in de verhalen uit de bundel Spek en bonen levert geen problemen op voor het begrip van het verhaal. In Een perfecte moord, Johannesburg, Onweer in de tropen en Moros y cristianos worden de gebeurtenissen gepresenteerd vanuit één personage, soms een ik en soms een hij/zij. In Café Zeezicht en Marlon, tu n’es pas un ange is er een alwetende verteller aan het werk. In Spek en bonen wisselt het perspectief steeds, maar boven elk stukje tekst staat duidelijk vermeld wie er aan het woord is, zodat het perspectief ook hier niet problematisch is.

Personages
Elk verhaal kent andere personages. In de meeste verhalen treffen we één tot drie hoofdpersonages aan, in Café Zeezicht en Johannesburg, Le Bain zijn dat er meer. De karakters van de personages worden niet heel grondig uitgediept, alhoewel Tom Lanoye gelet op het beperkte aantal pagina’s vaak een zeer treffende schets weet neer te zetten.
In de meeste verhalen verandert de relatie tussen de personages sterk, of wordt de relatie de lezer pas in de loop van het verhaal duidelijk gemaakt. Meestal valt deze verandering samen met een belangrijke gebeurtenis (bijvoorbeeld moord op een geliefde).
De personages zijn allen buitenbeentjes en/of eenlingen en identificatie is daardoor moeilijk.

Plaats
In vier verhalen is de geografische plaats vrij precies bekend (Een perfecte moord: Antwerpen en Spanje, Café Zeezicht: een boerderij op het Vlaamse platteland, Johannesburg, Le Bain: Johannesburg, Zuid-Afrika, Moros y cristianos: verschillende plaatsen op Cuba), in de drie overige kan de lezer zich van de plaats een globale indruk vormen (Spek en bonen: een stad in Vlaanderen, Marlon, tu n’es pas un ange: een dorp, een stad en een ziekenhuis in Vlaanderen, Onweer in de tropen: een grote stad in een tropisch gebied, waarschijnlijk Afrika).
De hoofdpersonages zijn allen buitenbeentjes en eenlingen, uit verschillende lagen van de maatschappij. De sociaal-culturele achtergrond van de personages wordt niet expliciet benoemd, maar kan in grote lijnen opgemaakt worden uit de gebeurtenissen en beschrijvingen.

Tijd
In alle verhalen vinden tijdsprongen plaats, maar niet steeds op dezelfde manier. Sommige zijn duidelijk gemarkeerd (in Spek en bonen door de kopjes boven de stukjes tekst waarin personage en tijdstip worden genoemd en in Onweer in de tropen, waar de precieze tijdsaanduiding ontbreekt, maar met elk nieuw hoofdstuk een tijdsprong wordt gemaakt), andere minder precies, maar toch nog duidelijk herkenbaar (de scheiding tussen heden en verleden in Een perfecte moord en Moros y cristianos en de verschillende tijdstippen in het verhaal Café Zeezicht) en in twee verhalen zijn de tijdsprongen uiterst impressionistisch weergegeven en moeilijk te detecteren (Marlon, tu n’es pas un ange, Johannesburg, Le Bain).
In de meeste verhalen is er wel een gebeurtenis die het verhaal min of meer afsluit. Toch blijft de lezer wel met vragen zitten, vooral in de verhalen uit het tweede deel Bonen: extra muros en is er een soort open einde.
De historische plaatsing is in de meeste gevallen niet bekend. In sommige verhalen zijn sporadische aanwijzingen te vinden (Café Zeezicht, het jaartal 1964 wordt genoemd, Moros y cristianos, Fidel is aan de macht in Cuba, gebruik van computerdiskette). Over het algemeen lijken de verhalen in de tweede helft van de twintigste eeuw te spelen.

Nadruk bij spanningsopbouw
De spanningsopbouw wordt in alle verhalen gevormd door de gebeurtenissen die steeds langzaam voor de lezer worden uiteengezet.

Conclusie
De postmoderne weergave van de gebeurtenissen en het moeilijke taalgebruik maken dit boek als geheel niet geschikt voor de beginnende taalleerder. Het boek als geheel is waarschijnlijk geschikt voor studenten op niveau C1. De losse verhalen Een perfecte moord en Spek en bonen en eventueel Café Zeezicht zijn wellicht wel geschikt voor minder ver gevorderden (niveau B2).

Leercriterium
Op het formele vlak is er niet een element dat in het bijzonder opvalt waaraan een lesonderwerp zou kunnen worden gekoppeld. Zoals in iedere (roman)tekst komen er verschillende typen zinnen (hoofdzin, bijzin, ellips) voor en worden er verschillende werkwoordstijden gebruikt. Bovendien komt er een (beperkt) aantal Vlaamse woorden voor. Hier kan de docent eventueel op wijzen, maar het is niet zo dat de tekst van Spek en bonen zich hier beter voor zou lenen dan een andere (Vlaamse) tekst.
Inhoudelijk geven de verhalen aanleiding om de leefwijze van westerlingen in de tweede helft van de twintigste en ook het begin van de eenentwintigste te bespreken. In Spek en bonen worden diverse homo- en heteroseksuele relaties beschreven die ontstaan zijn of zich afspelen tegen deze achtergrond. Daarnaast wordt in het verhaal Onweer in de tropen het onderwerp aids aangeroerd dat tot discussie in de klas kan leiden.

Leercriterium Formeel nee
Inhoudelijk/cultureel ja